 |
23/8/2004 Oneindigheid
SAMENVATTING Oneindigheid is een begrip waar we al meer dan
tweeduizend jaar mee worstelen. Er wordt veel over gepraat, maar wat
het precies is blijft duister. Theologen menen dat oneindigheid
slechts aan God is voorbehouden. Maar volgens wiskundigen zijn er
verschillende soorten oneindigheid. Oneindigheid is een begrip waar we al meer dan
tweeduizend jaar mee worstelen. Er wordt veel over gepraat, maar wat
het precies is blijft duister. Theologen menen dat oneindigheid
slechts aan God is voorbehouden. Maar volgens wiskundigen zijn er
verschillende soorten oneindigheid.
Welkom in Hotel Oneindig! Het vreemde uithangbord had me bijna
afgeschrikt, ware het niet dat alle andere hotels vol waren en
alleen hier kamers vrij waren. Maar laat ik niet uitweiden over hoe
ik hier verzeild raakte. Het belangrijkste is dat ik er weer
uitkwam. Neem mijn waarschuwing daarom ter harte. Wie niet wil
opgaan in de grote massa, vermijdt dit hotel!
Waarom lette ik ook niet beter op bij de receptie? De oude man
die daar rondscharrelde bleef maar staren naar de vakjes met nummers
waarin de sleutels ontbraken. "Weet u," mompelde hij: "Eigenlijk
zijn we vol. En omdat u niet van tevoren heeft geboekt, moet ik het
eerst met de manager bespreken." De receptionist verdween naar
achteren en kwam pas tien minuten later weer tevoorschijn. Hij had
een merkwaardige grijns op zijn gezicht. "U heeft geluk! We hebben
iedereen een kamer op kunnen schuiven. Kamer 1 is daardoor vrij. Als
u hier even wilt tekenen."
Dit zou het
logo van Hotel Oneindig kunnen zijn. De Hebreeuwse letter Alef staat
voor verzamelingen van oneindige grootte. Alef-nul is de verzameling
van alle positieve gehele getallen - zoals de kamernummers in Hotel
Oneindig
Al lang blij dat er een kamer vrij was, schonk ik
geen aandacht aan zijn opmerking over het opschuiven van de gasten
en krabbelde mijn handtekening op het formulier. Daarop stond de
check-out tijd vermeld en een uitleg over de telefoons in de kamers
en de luidspreker in de hal. Hotelgasten, zo las ik, waren verplicht
de aanwijzingen op te volgen die de receptie via de telefoon of de
luidspreker doorgaf.
Nog geen minuut nadat ik de koffers in mijn kamer had
neergeploft, rinkelde de telefoon. "Het spijt mij vreselijk,
mijnheer" klonk de stem van de receptionist. "Er is een bus met
gasten gearriveerd en we hebben twintig kamers nodig. Iedereen wordt
verzocht twintig kamers op te schuiven. U nieuwe kamernummer wordt
dus 21."
Natuurlijk kon ik niet weigeren. Voor mij waren er immers ook
gasten opgeschoven. Dus pakte ik mijn koffers op. De gang krioelde
van de hotelgasten. Mijn naaste buren hadden hun spullen duidelijk
bij elkaar gegraaid. Maar aan het eind van de gang hadden ze het
kennelijk vaker meegemaakt, want daar liepen ze met gepakte koffers
rond. Na een paar minuten was de rust weergekeerd en had iedereen
zijn nieuwe kamer ingenomen. Wel, ik was er in ieder geval op
vooruit gegaan. In plaats van een bloemetjesbehang had mijn kamer nu
witte muren en bovendien ook een balkon.
Een half uur later ging wéér de telefoon. Er was een
chartervlucht geland en of iedereen 328 plaatsen op kon schuiven! Op
een van de hogere verdiepingen raakte ik even de weg kwijt. Ik liep
een gang in met kamernummers 3.187.345.696 tot en met 3.187.345.744.
In wat voor een gekkenhuis was ik beland?
De auteur had
nog mazzel. Alef-nul is de verzameling van aftelbare
oneindigheid: van de ene plek in de rij met getallen kun je naar de
volgende komen door 1 erbij te tellen. In Alef-één gaat die vlieger
niet op: tussen elke twee getallen in Alef-één zit weer een ander
getal uit Alef-één, enzovoorts...
De receptionist
luisterde aandachtig toen ik om opheldering vroeg. "We proberen
iedereen van dienst te zijn," legde hij uit. "Dit hotel behoort tot
de Hilbert-keten en dus mogen we niemand een kamer weigeren. Zo lang
iedereen onze aanwijzingen opvolgt en doorschuift, is er altijd
plaats voor nieuwe gasten."
"Altijd plaats?" riep ik: "Maar wat gebeurt er dan in hemelsnaam
met de mensen in de laatste kamer?"
"Daar gebeurt heus niets ergs mee," glimlachte de receptionist.
"Er is gewoon geen laatste kamer. Zoals onze naam al aangeeft,
hebben we een oneindig aantal kamers. Op het moment dat u arriveerde
waren we even vol omdat we een oneindig aantal gasten hadden. Maar
oneindig + 1 is nog steeds oneindig. Zo konden we ook voor u een
extra kamer vrijmaken."
Telefoongerinkel onderbrak hem. Verbeelde ik het me, of zag ik
hem verbleken toen hij het gesprek beantwoordde?
"Een noodgeval," hoorde ik hem mompelen, terwijl hij de microfoon
greep die met de luidspreker in de hal was verbonden. "Er komt een
bus aan met oneindig veel passagiers. We hebben oneindig veel nieuwe
kamers nodig!"
"Dames en
heren," schalde het vervolgens door de luidspreker. "U herinnert
zich dat u onze aanwijzingen moet opvolgen, hoe raar die ook mogen
klinken. Doe alstublieft uw kamerdeur open en schrijf uw kamernummer
op een stuk papier. Heeft u dat? Vermenigvuldig uw kamernummer met
twee en schrijf de uitkomst daarvan op. Dit wordt uw nieuwe
kamernummer!"
Dat is wat iedereen deed. De persoon in kamer 1 ging naar kamer 2
en de familie in kamer 2 ging naar kamer 4. Het stel in kamer 3 ging
naar kamer 6. Kamer 12.652 werd in beslag genomen door mensen uit
kamer 6.327, enzovoort. Inmiddels was de bus er en stroomden
oneindig veel mensen in de hal. Waar moesten die naartoe?
"Ze kunnen de oneven kamers nemen," legde de receptionist uit.
"Er zijn immers oneindig veel oneven getallen. Door de verdubbeling
van de kamernummers kwamen alle oneven getallen vrij."
Ik heb mijn biezen gepakt toen er even later oneindig veel bussen
met in elke bus oneindig veel gasten voor de deur stonden. Terwijl
de luidspreker de meest ingewikkelde aanwijzingen rondschalde om de
gasten te verplaasten en de passagiers ordelijk uit hun bussen te
krijgen, vroeg ik de manager om de rekening.
"Het laatst was u in kamer 798? Dan bent u ons niets
verschuldigd. Doordat uw kamer vrijkomt kan iedereen een kamer
terug. Uw rekening zal worden betaald door kamer 799. Hun rekening
wordt betaald door de familie uit kamer 800, van wie de rekening....
Ik heb niet verder geluisterd en ben gillend het hotel uitgerend.
Waarschijnlijk telt de hotelmanager nu nog tot in het oneindige
door. Het voornaamste is dat mijn bevindingen zo snel mogelijk in
alle reisgidsen moeten komen. Een hotel waar altijd plaats is, is
leuk, maar niet als je oneindig vaak van kamer moet wisselen!
Ja, ja, zo gaat dat in Hotel Oneindig," zegt dr. Adrian W. Moore,
docent filosofie aan het St. Hugh's College van de universiteit van
Oxford. "Het hotel werd bedacht door de Duitse wiskundige David
Hilbert, die van 1886 tot 1930 verbonden was aan de universiteit van
Königsberg. Hilbert was gefascineerd door het begrip oneindig. Het
fantastische hotel gebruikte hij om zijn studenten de zogenaamde
'gelijkmachtigheid' van twee oneindige verzamelingen aan te tonen.
"Oneindige verzamelingen getallen hebben vreemde eigenschappen.
Zo lijkt de reeks natuurlijke getallen 1, 2, 3, 4, 5, ... groter dan
die van zijn kwadraten 1, 4, 9, 16, 25, ... En toch is ook die
laatste verzameling oneindig. Hij is door een bepaalde bewerking
'één-op-één' van de eerste verzameling afgeleid en heeft daardoor
dezelfde 'soort' oneindigheid. Daardoor kan Hilbert's hotel gasten
blijven opnemen. Het hotel kan wel in de problemen komen, maar pas
als zich een hoeveelheid gasten aandient met een hogere 'orde' van
oneindigheid."
Een hogere orde van oneindigheid? En ik dacht dat ik al bijna gek
werd in Hilbert's hotel!
David Hilbert
(1862 - 1943) legde in 1900 zijn vakgenoten 23 grote vraagstukken
voor. De problemen die Hilbert zijn vakgenoten voorlegde gingen over
verschillende onderwerpen. Het was dan ook zijn bedoeling om de hele
wiskunde van de komende eeuw vooruit te helpen, niet één
deelgebied.
"Het begrip oneindig is inderdaad moeilijk te vatten,"
lacht Moore. "De oude Grieken noemden het apeiron. Dat
betekent niet alleen 'eindeloosheid', maar ook 'chaos' of
'ongebondenheid'. Zij hadden er een enorme afkeer van. Dol werden ze
bijvoorbeeld van de paradox van Achilles en de schildpad. Die werd
in de vijfde eeuw voor onze jaartelling bedacht door Zeno van Elea.
Er vindt een hardloopwedstrijd plaats waarbij Achilles een schildpad
10 meter voorsprong geeft. De schildpad legt 1 meter per seconde af,
Achilles 10. Als Achilles de eerste 10 meter heeft afgelegd, is de
schilpad 1 meter verder. In de tijd die Achilles dáárvoor nodig
heeft, neemt de schildpad 0,1 meter voorsprong. Terwijl Achilles dat
verschil goedmaakt, kruipt de schildpad 0,01 meter verder. Dit gaat
door tot in het oneindige. Het lijkt erop alsof Achilles de
schildpad nooit zal kunnen inhalen.
De Griekse
held Achilles (links op een stuk aardewerk) werd in de film Troy
(mei 2004) gespeeld door Brad Pitt (rechts). In de film waren geen
schildpadden te zien, hoewel: dat schild op Pitt's rug...
"Wat
de Grieken nog niet wisten, en wat ook de oplossing is van de
paradox, is dat een oneindige reeks een eindige som kan hebben.
Achilles haalt de schilpad in na 1 + 1/10 + 1/100 + 1/1000 + ...
seconden. Dat is een 'convergerende' meetkundige reeks, waarvan we
de som kunnen schrijven als 1,111111... seconden. Dat is precies 1
1/9 seconde! Weliswaar moest Achilles een oneindig aantal afstandjes
afleggen. Maar voor de laatste daarvan had hij oneindig weinig tijd
nodig. Die twee oneindigheden hieven elkaar dus op!
"Tegenwoordig kun je limieten berekenen voor dergelijke steeds
kleiner wordende reeksen. Heel grappig is bijvoorbeeld dat het
oneindige aantal kamers van Hilbert's hotel niet eens een oneindige
ruimte hoeft in te nemen. Als je iedere volgende verdieping van het
hotel half zo groot maakt als de onderliggende, wordt het hele hotel
slechts twee keer zo hoog als de begane grond. De limiet van 1 + 1/2
+ 1/4 + 1/8 + ... is immers gelijk aan 2."
Hotel
Oneindig (naar de bedenker ervan ook wel Hilbert's Hotel genoemd).
Als je elke laag van het gebouw half zo hoog maakt als de laag
eronder, is het hotel maar twee normale verdiepingen hoog: 1 + 1/2 +
1/4 + 1/8 + 1/16 + ... komt namelijk uit op 2, hoeveel termen je ook
toevoegt.
Tot diep in de 19e eeuw, vertelt Moore, waren de
wiskundigen nog niet veel verder dan dit optellen van oneindig
kleine stukjes. Toen, in 1873, publiceerde de Duitse wiskundige
Georg Cantor de eerste systematische studie over oneindigheid.
Cantor ontdekte dat er verschillende ordes van oneindigheden
bestaan. De laagste daarvan noemde hij alef-nul (alef is de eerste
letter van het Hebreeuwse alfabet). Alef-nul bevat alle 'te tellen'
oneindigheden, zoals de kamernummers in Hilbert's hotel. Maar daarna
komt alef-één, die nog 'oneindiger' is dan alef-nul. Dat er een
oneindigheid moet bestaan die méér elementen telt dan alef-nul,
toonde Cantor aan met zijn diagonaalmethode.
Cantor ging als volgt te werk. Stel dat je een lijst kunt maken
van alle breuken tussen 0 en 1. Die lijst moet oneindig zijn, want
er zijn ook breuken die oneindig lang repeteren. Een paar breuken
uit die lijst zijn bijvoorbeeld:
(1) 0,4765198... (2) 0,2914836... (3)
0,7425398... (4) 0,9157327...
Bevat de hele lijst wel alle breuken? Kijk eens naar de
vetgedrukte getallen in het voorbeeld. Als je die achter een komma
plaatst, ontstaat het getal ,4927... Trek je van elk
afzonderlijk cijfer van dit getal 1 af, dan ontstaat het nieuwe
getal ,3816...
Dit nieuwe getal is echter niet te vinden in de oneindige lijst!
Het verschilt van (1) omdat het eerste cijfer niet gelijk is aan het
eerste cijfer van (1). Er is 1 van afgetrokken. Het verschilt echter
ook van (2) omdat het tweede cijfer 1 kleiner is dan dat van (2). En
zo gaat dat verder voor de hele reeks. Je hebt dus een nieuwe breuk
gevonden die nog niet in de lijst voorkwam. Voeg je die nieuwe breuk
alsnog aan de lijst toe, dan kan er weer een nieuw diagonaalgetal
worden geconstrueerd! Dit getallen'continuüm', dat is te vergelijken
met het oneindige aantal inktpuntjes waarin een lijnstuk kan worden
verdeeld, is niet te tellen en dus 'oneindiger' dan de verzameling
gehele getallen.
Georg Cantor
(1845 - 1918) publiceerde in 1873 de eerste systematische studie
over oneindigheid.
"Om de zaak nog erger
te maken, vond Cantor nóg grotere orden van oneindigheid dan
alef-één. Oneindig veel zelfs, "zegt Moore. "Alef-twee, alef-drie en
alef-vier vormen maar het topje van een onafzienbare ijsberg.
'Mistbank achter mistbank,' zei de grote wiskundige Herman Weyl
daarover geringschattend.
"Cantor was doorgedrongen in regionen die nog nooit eerder door
iemand waren verkend. Heel triest is dat de meeste zijn tijdgenoten
zijn werk niet begrepen en zijn bevindingen belachelijk maakten.
Vooral de onophoudelijke en door een ziekelijke jaloezie gedreven
kritiek van zijn vroegere leermeester Leopold Kronecker waren
slopend. De laatste jaren voor zijn dood in bracht Cantor door in
een tehuis voor geesteszieken.
"Of dit alles is dat is te vertellen over oneindigheid? Bij lange
na niet, want er bestaat ook zoiets als de Absolute Oneindigheid.
Dat is de allerhoogste orde van de alefs, die in de wiskunde wordt
voorgesteld door de Griekse hoofdletter omega. Het enige dat we tot
nu toe met zekerheid daarover weten, zijn de eigenschappen die omega
niet heeft. Het in kaart brengen van alle verschillende
oneindigheden is dus nog niet ten einde."

|
 |

| verschenen in: |
Kennislink (ism Carl Koppeschaar) |
| TAAL: |
Nederlands |
| AUTEUR: |
Carl Koppeschaar |
| DATUM: |
23/8/2004 |
 | |
 |